21 apr ZWARTE ROOK 1798
In mijn jeugd was Pasen een heilige topfeestdag. Mijnheer pastoor kwam al na carnaval in actie in de vroege ochtend van as-woensdag. Met nog slaap in de ogen tekende hij met zijn rechter duim pontificaal een kruisje van as nabij de neuswortel, onder het ponykapsel. De hele klas onderging dit viezige ritueel. Als bewijs dat je het askruisje had gehaald bleef het de hele dag zitten. Deze rite was een vanzelfsprekende verplichting in het katholiek geloof en het werd gedwee opgevolgd. De veertig dagen durende Vastentijd (zondagen niet meegeteld) brak dan aan. Gedurende de zes en een halve week die volgden verscheen pastoor met grote regelmaat in de klas en vertelde zijn verhaal van lijdensweg, kruising tot verrijzing.
Kleurplaten kwamen op tafel, grote tekeningen werden getoond en vele malen verkondigde hij het Paasverhaal. De boodschap aan ons als kinderen was dat we tot Pasen niet mochten snoepen en op de vrijdagen geen vlees mochten eten. Want God had zijn leven voor ons zondaars opgeofferd. We snapten niks van deze zware kost maar de zwart gerokte geestelijke ging stug door.
Moeder thuis maakte een koektrommel leeg waarin alle snoepgoed verzameld werd. Op school werd er aanhoudend ingestamp hoe Jezus geleden had voor ons en weer uit de dood was opgestaan. Ik begreep er haast niks van en het biechten, een paar dagen voor de Paasrituelen, was ook niet aan mij besteed. Belachelijk. Witte donderdag, goede vrijdag, stille zaterdag en 2 Paasdagen moest ik naar de kerk waar de pastoor, een batterij misdienaars, een koster en soms een kapelaan overuren draaiden. De paus had zijn discipelen goed afgericht. De beminde gelovigen waren bang en volgden gedwee, want het Limburgse gezegde was: ‘ God wacht lang maar straoft strang’.
We zijn ruim een halve eeuw verder, vele kerken zijn afgebroken of in verval. Het geloof wordt niet meer verkondigd op de openbare scholen. Kinderen zijn totaal gefixeerd op gekleurde eieren die de paashaas in hun tuin verstopt. Gods grondpersoneel is behoorlijk uitgedund.
Typerend voor de teloorgang was een mini kwis op NPO2 radio. Men vroeg: Wat is de betekenis van witte donderdag? Wat gebeurde er Goede vrijdag? En weet je het verhaal van Pasen? Ik behoor sinds mijn puberteit tot de ware atheïsten in Limburg. Toch verbaasde ik me over de minimale kennis die op tafel kwam in de beantwoording. Het was lachwekkend.
Na de overheersing van de katholieke kerk tot ongeveer 1975, is binnen twee generaties alle kennis uit de bijbel verloren gegaan. Het laatste avondmaal, de kruising met de lijdensweg, en de verrijzenis. Men weet het echt niet. Alle interesse hierin is verdwenen. En toch claimen we de feestdagen om er een gezellig familiereünie rond te organiseren, net als met Kerstmis.
Pasen is nu de boei die het begin van de lente aangeeft en daar keken we al sinds Kerst naar uit. En heel typisch net als ik deze column wil afronden meldt de NOS dat onze paus Franciscus op 88 jarige leeftijd, vrijwel direct na het uitspreken van de Paaszegen, het ‘Urbi et Orbi’, de hemel heeft bestegen. Wat een feest voor hem. De zwarte rook die straks uit de schoorsteen opstijgt zal enkel tot afkeuring leiden, in de kring van milieuactivisten. En nu moet ik bij al dit piekende ‘geheilig’ ook nog afsluiten met een ongelooflijk stevige vloek: NONDEDJUU!!!
Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.