24 aug ONDERUITPUTTING 1868
Ik heb weer iets nieuws gehoord: onderuitputting. Nooit eerder kennis meegemaakt. Ik dacht eerst dat weer een of andere puber seksueel nogal uit de band was gesprongen en er daardoor nog weinig libido resteerde. Uitputting van onderen dus. Maar nee, het bleek zich op een heel ander niveau af te spelen, in de hoogste regionen van Den Haag. Premier Jetten gebruikte het woord onlangs en toen wist ik: dit moet wel iets belangrijks zijn. Want als een politicus een woord gebruikt dat de gemiddelde Nederlander eerst drie keer moet lezen voordat hij begrijpt wat er staat, gaat het meestal over geld, gekonkel, over het negeren van eerdere verkiezingsbeloftes. Mijn veronderstelling was een schot in de roos: onderuitputting betekent gewoon dat de overheid geld heeft begroot, maar het niet uitgeeft.
Welnu, dat is nou precies het verschil tussen het Haagse- en mijn huishoudboekje. Houd ik geld over in de maand, dan heet dat geld besparen. Wanneer ik aan het einde van de maand nog een paar tientjes heb, ben ik zelfs trots. Dan loop ik thuis rond alsof ik zojuist de Nobelprijs voor Economie heb gewonnen. Maar als de overheid miljarden niet uitgeeft, noemen we dat onderuitputting. Dat klinkt meteen een stuk deskundiger. Alsof het geld niet gewoon op de plank is blijven liggen, maar na een ingewikkelde ambtelijke procedure zelfstandig heeft besloten om even onderuit te gaan. Een interessante ontwikkeling. Of gewoon een handig trucje? Want bij de overheid is geld dat niet wordt uitgegeven kennelijk een meevaller.
Thuis werkt dat anders. Als ik thuis roep dat ik honderd euro minder heb uitgegeven dan ik had ingeschat, krijg ik waarschijnlijk het antwoord: “Goed zo.” Edoch, als ik vervolgens vertel dat ik dat geld ook niet meer kan terugvinden, volgt een logische vloek en een dringend verzoek om nadere uitleg. En daar zit volgens mij precies het verschil. Bij ons thuis moet je namelijk verantwoording afleggen. In Den Haag moet je vooral een begrip introduceren.
En dat is exact wat er in Den Haag zo knap gebeurt. Een probleem krijgt een nieuw woord en plotseling is het geen probleem meer. Een project dat niet wordt uitgevoerd? Onderuitputting. Een woning die niet wordt gebouwd? Onderuitputting. Geld voor de zorg dat niet op de juiste plek terechtkomt? Onderuitputting. Een wachtlijst die langer wordt? Ook een vorm van onderuitputting van de beschikbare uitvoeringscapaciteit. En als er na jaren vergaderen uiteindelijk helemaal niets gebeurt, spreken we waarschijnlijk van: “Een tegenvallende realisatie binnen het ambitieuze uitvoeringskader.”
Kijk, dan klinkt het meteen alsof er iets groots is gepresteerd. Misschien is dat wel het grootste talent van de Nederlandse politiek: niet problemen oplossen, maar er zulke ingewikkelde woorden voor verzinnen dat de burger vergeet waar het eigenlijk over ging. Ik ga dat thuis ook invoeren. Als ze thuis vragen waarom ik mijn afspraken weer niet ben nagekomen, zeg ik voortaan: “Er is sprake van een zekere onderuitputting binnen mijn persoonlijke uitvoeringscapaciteit.” En als ze vragen waar die onzin op slaat, zeg ik: “Dat wordt meegenomen in de volgende maand.” Kijken hoelang ik nog in huis woon. Eén ding weet ik inmiddels zeker. Als ik mijn geld niet uitgeef, is dat mijn probleem. Als Den Haag ons geld niet uitgeeft, is het een begrip, een fucking begrip waar geen mens chocola van kan maken. En daar krijg ik nou pas écht onderuitputting van. NONDEDJUU!!!
Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.