LENTEKRIEBELS 1797

We snakken naar het voorjaar, en lonken naar geel, wit, roze, en lila bloesems. De winterjas zijn we helemaal beu net als de bont gevoerde laarzen en de kriebel sjaal. Weeronline wordt elk half uur geraadpleegd. Rondom het huis wiedt men onkruid en AOW’ers die sinds oktober achter de gordijnen zaten spitten vol overgave de tuin. Op menig trottoir bespreken voetgangers de gepasseerde winter die nat was, waterkoud en te lang duurde. Een ezel in een aangrenzend weiland balkt van diep uit zijn hoeven. Volgens volksoverdraging betekent deze oer-uiting een periode van goed weer. We zullen zien. In elk geval ontwaken we uit een soort winterdip.
Afgelopen zaterdag was zo ongeveer de eerste dag in dit voorjaar dat de 20 graden werd overschreden. Dit is het moment dat veel vrouwen de korte rok aantrekken en met blote benen tot aan de string, de straat op gaan. Mijn overleden collega columnist Martin Bril die regelmatig schreef in Het Parool en Volkskrant, had een fascinatie voor de en masse mini rokjes in het straatbeeld van het prille voorjaar. Hij was de eerste die over dit verschijnsel zijn column bombastisch en zeker enthousiast vol schreef over ‘rokjesdag’. Hij had de term Rokjesdag regelrecht uit het Engels geleend waar het  skirt-day heet en al veel langer gebezigd werd.
Afgelopen zaterdag liepen we door Amsterdam. De koperen ploert stond na maanden van afwezigheid, hoog aan de blauwe hemel. In de ochtendstralen voelde je al de warmte opstijgen. Het volk anticipeerde direct door al om 11 uur de terrassen te bezetten. Zeker viel de kleding op. Mannen droegen massaal korte mouwen; en de korte broek was ook volop aanwezig. De stoere masculiene man met kromme harige benen werd qua aantrekkelijkheid ruimschoots verslagen door de sierlijke dames. Na lange tijd zag ik eindelijk weer blote benen op straat. ‘Rokjesdag’, riep ik euforisch en ja hoor, als een echo herhaalde mijn opmerking zich over het Leidseplein. Het kan helaas niet overal feest zijn. Want genietend van al dat ontspruitend zomergenot liep ik tegen een mannelijk gedrocht dat hoestte door een vergeelde nicotinesnor. Het was een witte raaf, een paradijsvogel gekleed in hippie uitrusting. Een soort man dat feitelijk geboren is op het platteland en zich verzameld heeft in de hoofdstad. Want hier kan alles. Naast prachtige figuren, vaak met tattoos, kom je er ook wat mindere goden tegen. Op de Albert Cuypmarkt stond een meisje met een leuk koppie en fikse kont gehuld in een te strakke kunststof SHEIN-legging. De cellulitis puilde door de ultra dunne stof. Haar vriend had een strakke one-pack waaronder gegarandeerd een 6-pack in aanleg zit maar daarvoor moet de kostbare vetlaag eerst worden afgezogen.
Leuk was de ontmoeting met een oude vriend van me. Hij zag er vroeger uit als Tarzan himself, nu bestond zijn verschijning uit twee ongelikte beren die in elkaar waren gezakt. Van hem kreeg ik een liefdevolle hug die voelde als een wielklem met haren. We dronken samen een biertje.
Terug thuis sloten we deze mooie lentedag, die zekere kriebels bezorgde, af met een aflevering van All you need is Love. Garantie voor een uurtje jank-TV. Maar morgen staan we weer lachend naast het bed want vrouwlief heeft weer haar kortste rokje klaar liggen. Nondedjuu!!!

Geen reactie's

Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.