30 sep A-COMMUNICATIEF 1769
Dag en nacht was ik bereikbaar in mijn vorige functie. 24 op 7; vrij vertaald: altijd stond ik aan, nooit vrij. Ik had een eigen zaak en om klanten te behouden moest je bewijzen dat ze niet voor niks de keuze voor mijn expertise hadden gemaakt. Later leerde ik dat je alles kunt doen voor een klant doch, als er ook maar één onderdeeltje logischer wijze misloopt, laat diezelfde klant, die je altijd hebt vertroeteld en geholpen, je vallen als een baksteen. Dat is het noodlot van een zelfstandige zakenman. Inmiddels ben ik gepensioneerd en geniet volop van mijn totale vrijheid. Dat is pas lekker. Drie zaken vind ik zeer verwonderlijk: Ten eerste schiet de tijd in een idiote snelheid voorbij, ten tweede word ik gevraagd en gezocht voor allerlei liefdadigheidswerkzaamheden. Ten derde had ik met mijn klanten een vriendschappelijke band en belden ze mij aanhoudend.
Het eerste onderdeel is blijkbaar normaal onder de grijsaards. Bij het tweede onderdeel heb ik gemeld dat ik geen last heb van Altruïsme of onbaatzuchtigheid. De bereidheid om me in te spannen voor nop heb ik na 48 jaar keihard werken niet ontwikkeld. Nee ik ben geen onbeschaamde paradijsvogel die je voor alle gekkigheid gratis kunt laten opdraven.
Het derde onderdeel begon bijna 35 jaar geleden. Toen ontving ik mijn eerste mobiele telefoon. Het was de zogenaamde Kermit. Verwijzend naar de beroemde kikker. Een kikker heeft als eigenschap springen en zo werkte ook dit communicatie hebbedingetje. Hij deed het enkel op gekenmerkte plekken, daarbuiten was hij niet meer dan een semafoon, zeg maar een apparaatje dat een noodpiepje kon produceren als iemand je nodig heeft. Je kon hem gebruiken in het centrum van grote steden, station, tankstations en thuis. Dat was ook de zwakte van dit systeem dat later van naam wisselde naar Greenhopper. In 1999 ging het helemaal ter ziele. Ondertussen had ik van mijn baas een echte Motorola mobiele telefoon ontvangen want ik moest bereikbaar zijn. Dolblij was ik met deze zwarte ‘ ijskast’ van 800 gram. Ternauwernood paste hij in mijn binnenzak en trok mijn hele jasje scheef. Al snel had ik geen binnenzak meer. Ze scheurden stuk voor stuk onder het gewicht. Iedereen zocht me op want een telefoon zonder kabel was wel een sensatie. Men vond het prachtig. Lang duurde dit feest niet. Een collega leende hem van me en liet hem prompt van een brug vallen. Nooit geweten dat er zoveel onderdelen in dit apparaat zaten…
Tegenwoordig bezit elk levendwezen in West Europa een mobiel belapparaat. En dat zelfde wezen is toch onbereikbaar, althans voor de mensen die zich binnen een straal van twee meter bevinden. De Iphone of Samsung, om maar een paar merken te noemen, trekken zoveel aandacht dat de fysieke medemens helemaal wordt vergeten. Als wij uit gaan eten blijft onze foon thuis. Daarmee zijn we de enige want hele tafels zitten te bellen met de buiten wereld terwijl ze ervaren in de voeding onder hun neus prikken. En alle tafelgenoten doen hetzelfde. Wat een lol. Nou voor mij niet hoor. Ik vind het reuze a-sociaal en praat liever met de mensen die ik in de ogen kan kijken. Onze telefoons blijven thuis en onze vrienden zitten aan tafel. We praten, lachen en wisselen informatie uit. Dat is communiceren zonder ….. Nondedjuu!!!
Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.